Ik heb iets

Ik kreeg laatst een citroen van mijn dochter.
Ze bedoelde het niet vervelend.

Want het was eigenlijk een zeep. In de vorm van een citroen, en het ruikt waanzinnig lekker naar citroen. Of limoen of zoiets. Mijn kinderen weten waar ik van hou.

saponi

Ik bedacht me dat de dingen in het leven waar ik het meest van geniet, nogal primair van aard zijn. In mijn geval: Iets wat heel lekker ruikt of iets wat heel lekker smaakt.

Dat ik nogal van ruiken hou is bekend, in ieder geval hier thuis. Ik kan heel verheerlijkt keer na keer mijn neus in een bos bloemen steken, of snuiven boven de pas fijngestampte rozemarijn, tijm of basilicum. En man ruikt vaak ook extreem lekker. Daar heb ik hem op uitgekozen.

Daarentegen kan ik ook buitengewoon onpasselijk worden van vieze geuren. Het valt niet mee om daarmee fatsoenlijk om te gaan.

En met eten is het eigenlijk hetzelfde verhaal. Ik houd echt enorm van eten. Met name wel van lekker eten.
Nou verbeeld ik me niet dat ik me hierin onderscheid van de rest van de wereldbevolking, want eten, tja, da’s een behoorlijk primaire levensbehoefte. Maar het feit ligt daar.

Het afkeeraspect in het geval van eten zit ‘m, in het eten van  bij   door (??) andere mensen.
Natuurlijk, iedereen heeft recht om te eten. Ik eet zelfs graag een hapje mee. Maar het moeten aanhoren dat iemand eet…  vind ik weerzinwekkend.
Ik heb mijn gezinsleden lief, maar ze te moeten horen eten, met name als ik zelf niet eet, kan leiden tot verontrustende woedeaanvallen.

Ik zie zelf ook wel dat het wat sneu is, als ze, inmiddels al heel, heel voorzichtig een chipje in hun mond stoppen… en ik daarna nog tekeer ga en roep dat ze niet zo hard moeten eten en smakken en of ze asjeblieft willen stoppen met dat ge-eet.
Daarom stop ik soms mijn vingers in mijn oren. Dat ziet er vast opmerkelijk uit en het is lastig als ik de bladzijde van mijn boek wil omslaan.
Of ik neurie  of hummmm heel hard.

Zelfs als ik zelf eet, denk ik ook wel eens: ‘hoor mij nou eten’, maar van jezelf kun je toch altijd meer hebben he.

Toen ik laatst met dochter in de trein stapte, die klaar stond bij spoor 10…, jawel, kwamen we te zitten naast een stel met een zak chips. Het zakje was netjes opengevouwen en gruwel de gruwel, om de paar seconden deden ze een greep in het zakje waar ze een chipje uithaalden die ze met zo’n  schraap-schurend geluid in hun mond stopten. Daar werd ik erg onpasselijk van maar ik hield me in. Gelukkig was het zakje snel leeg.

eating chips

Maar toen ik even later weer een chips-hap-geluid hoorde, schoot mijn hoofd met een ruk omhoog.
Daar bleek een dame voor het chips-stel ook heerlijk chips te moeten eten. Dochter keek me verontrust aan toen ik hoorbaar door mijn neusgaten snoof.

En omdat het een lange reis was, werd de zelfbeheersing gedurende de reis vaker op de proef gesteld. De patat etende jongeren, de donkere mevrouw die een pakketje alu-folie openvouwde en al happend van een exotisch gerecht genoot, waarbij mij dat geritsel en de eetgeluiden niet kon ontgaan. De geur, die ongetwijfeld heerlijk paste bij het gerecht maar die minder heerlijk is als je het zelf niet eet, dwong mij om een hele tijd door mijn mond te ademen.

Op zich… valt met deze afwijking natuurlijk verder prima te leven, wat heb ik te klagen; ik ruik goed, ik kan uitstekend proeven, mijn gehoor is in orde…
Toch stond mij vaag iets bij, dat het iets is, wat ik heb. En omdat ik dol ben op etiketjes en labels (…) heb ik het nu onmiddellijk gegoogeld.

Wat blijkt? Ik blijk dus Misofonie te hebben.

Misofonie… blijkt een psychologische overgevoeligheid voor specifieke geluiden. Het kenmerkt zich door extreme afschuw van bepaalde geluiden die zelfs tot woedeuitbarstingen kan leiden. Wooow.

Dat is best erg. Toch?

Het leuke was wel, toen ik verder zocht, bleek dat ik waarschijnlijk geniaal ben! Ik bedoel maar!
Onderzoekers hebben namelijk een link gelegd tussen overgevoeligheid voor geluid en genialiteit.
Ik zou zelfs tot het rijtje van Darwin, Franz Kafka,  Marcel Proust en Anton Chekhov kunnen behoren. Zij konden, net als ik, ook etende mensen en andere vervelende geluidjes niet uitstaan. De theorie van het recente onderzoek gaat als volgt: mensen die ongewenst geluid er niet uit kunnen filteren, zijn creatiever. Hun geest zou in staat zijn om zich te concentreren op meerdere dingen tegelijkertijd, wat weer tot een grotere creativiteit zou leiden.

Er is ook therapie voor deze ziekte. Je schijnt er voor behandeld te kunnen worden.

Ik ben zelf alvast begonnen. (Ja je bent geniaal of je bent het niet)
Heel experimenteel hoor. En heel klein.

Het ging als volgt:

Vanmorgen nam ik een rijstwafel.
Met pindakaas.
Die nam ik mee naar bed.
Daar at ik ‘m op. In stilte. In m’n eentje.

Ging best goed. Dat kan ik langzaam uitbouwen denk ik. Over de vervolgsessies ga ik binnenkort nadenken.

Wie weet, wordt dat weer een inspirerende cursus.

Hoe dan ook; Let maar niet op mij.
Enne, eet vooral smakkelijk!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s