1

Even lekker zuchten

Ik zie dat het rustig is op mijn blog. Geen idee hoe dat komt

De tijd vliegt. Enzo.

Er gebeuren genoeg leuke dingen, daar niet van.

Zoals deze opmerkelijk groeizame zomer. Waarin de langste dag opnieuw weer onopgemerkt voorbij is gevlogen zonder dat ik ´m intens heb kunnen beleven als een warme, zwoele en eindeloos durende midzomernacht. Waar ik midden in koude winternachten van droom.

Iets na deze stilletjes gepasseerde midzomernacht, passeerde een familieweekend, waarbij we met de doldwaze familie van ´s mans kant een midden-zomerlijke bijeenkomst hadden, om de verjaardagen van de ouders te vieren, op een sprookjesachtige rustige camping in Drenthe, die korte tijd ineens zinderde van bulderende stemmen en schaterend gelach.

DSC02288IMG_1087IMG_1072

Maar voor het zover was, zoals dat gaat met vakanties en weekendjes weg, heeft het weer heel wat voeten in aarde gehad om het volkje thuis te mobiliseren, aan te zetten tot inpakken en instappen.

Oudste moest tijdens het inpakken voortdurend praten en afscheid nemen van vriendje aan de telefoon. De anderen dachten wel bijzonder vaag na over hun in te pakken spullen en namen vooral weer onbelangrijke dingen mee.

Toen we uiteindelijk die vrijdag, een uur na geplande tijd, in de auto stapten, waren we er helemaal klaar voor. De lege gaten in de kofferbak vol tassen en spullen werden nog snel opgevuld door na geworpen schoenen.
Met zes mensen in de auto gepropt, Eddy-de-vogel-in-de-kooi bij BaasB. op schoot en Jip-de-hond die zenuwachtig kermend heen en weer sprong van achterbank op schoot naar voeten op de grond, vertrokken we vol goede moed.
Jip en Eddy zouden we onderweg afzetten bij het pension .

Vlak voor vertrek vond Man het het oliepeil opeens zorgelijk laag, zodat we na enkele kilometers al pauzeerden bij een tankstation, voor een slokje olie voor de auto. Daarna konden we opgewekt verder rijden, terwijl oudste dochter om de paar minuten verontrust meedeelde wat ze was vergeten.
Oeps ik ben mn hemd vergeten.
Onee, ik ben mn jas vergeten.
Ach, ik ben ook iets warms vergeten.
We reden natuurlijk gewoon verder.

Toen riep ze iets harder: ‘Oeps ik ben m’n slaapzak vergeten’.

gtsfregtss#%hmn..?&((DFjsdfajjj..!

Of, om BaasB. te citeren: grumble humpf 

Ik bleef overigens opmerkelijk kalm verder.

Man iets minder. Ja, iemand moet boos worden, hij keerde met piepende banden op de weg en zo reed de familie met fladderende vogel in de kooi en grommende hond die van schrik weer naar beneden sprong, ijlings terug.
Na enkele minuten zwijgen was iedereen weer wat gekalmeerd. De een na de ander durfde opeens op te noemen wat ze waren vergeten.

Ik ben ook m’n jas vergeten

Dan kan ik m’n onderbroeken nog pakken

En ik m’n zwemkleren.

En m’n lange broek.

Zo reden we zo’n 20 minuten na vertrek alweer de straat in, verbaasd begroet door een wegrijdende buurvrouw, die ons kort daarvoor nog had uitgezwaaid.

Uiteindelijk kwam alles goed en hadden we een geweldig leuk weekend.

IMG_1089

En om met Billyboy te spreken, die laatst opbiechtte: mam, weet je

Ik: hmm

Hij: nou ja, kijk

Ik: ja wat?

Hij: weet je wat ik eigenlijk heel lekker vind?

Ik: uhu?

Hij: het is vaak zo lekker om even heel hard te zuchten.

zucht

 

0

Moordenaar

Zo, weer een moord gepleegd.
In het toilet. Met mijn blote handen.

Na een eerste moord, lang geleden inmiddels, leek ik een soort van grens over te zijn.

Wij eigenlijk. Want mijn man heeft het ook hoor, die moordlust.

We liquideren dat het een lieve lust is. We draaien er onze hand of vuist niet voor om. Moord en doodslag wat de klok slaat. En ook een beetje dodelijk gif hier en daar schuwen we niet. gif, doden, beestjes, dieren, moorden

 

Ik loop nog steeds vrij rond, hoewel ik de schrik wel een beetje te pakken kreeg toen ik in 1 week 3 dagen achter elkaar met de politie wordt geconfronteerd.

Op mijn (vrije) dag 1 lag ik vrolijk in mijn niemendalletje in bed te sluimeren met een kopje thee, toen ik de bel hoorde. Het eerste wat op zo’n moment in me opkomt is dan toch: ‘politie!’
Nou nee, geintje, tuurlijk niet.

Maar zoontje deed de deur open. Hij moest zijn moeder halen, hoorde ik vanuit mijn sluimerholletje.

‘Mam, de politie aan de deur!’

politie, agent, moord, doden,
‘Verdraaid, dan toch, daar zul je ’t hebben’, dacht ik.
Ik schoot een fatsoenlijke broek aan en dat was meteen het enige wat er fatsoenlijk uitzag aan mij. Maar ja.

‘Schrik niet’, zei de agent geschrokken. ‘Ik kijk alleen of er ook braakschade aan jullie auto te zien is’, waarop hij een rondje om onze auto liep. ‘Wel schade maar geen braak’, dacht hij vermoedelijk.
Natuurlijk niet. Dûh, als ik dief was, zou ik ook wel een andere auto uitproberen. Zoals die andere auto in de buurt waar wij ’s nachts een onmenselijk hard alarm van hoorden afgaan. Zo’n alarm zit er bij ons geeneens op.

Maar goed, op dag 2 fietste ik op mijn gemakje al fluitend naar huis uit mijn werk. Ondertussen at ik een banaan. Hoe gezond was ik daar bezig. Tot er een bananenschil overbleef. En wat doe je dan met een lege bananenschil?

Juist, je kijkt schichtig om je heen, omdat je niet al te aso over wilt komen als zwerfvuilvervuiler, voor je de bananenschil met een sierlijk boogje in het groen laat belanden.
Ik had een optimistische bui blijkbaar, ik keek dit maal niet om me heen maar knikkerde de schil gewoon achteloos in de berm. Nog geen 10 seconden later stopte er een politieauto naast mij. Of het klopte dat ik net wat weggegooid had.

‘Ha, jawel, een bananenschil’, riep ik luchtig. banaan, schil, bananenschil, gooien, politie

Oke, wij dachten al…blabla…niet erg… organisch… prima…daag…

Hahahahahaha.
Fjoe.

En op dag 3… zag ik ergens een politieauto rijden onderweg.

Nou, dat was me wel een weekje dus. En ondertussen maar doormoorden he.

’t Zijn weliswaar maar dieren, beestjes die ik vermoord. Ja.

Maar rotbeestjes hoor; die eikenprocessierupsen, slakken, zilvervisjes, maden. En mieren. En vliegen. En teken.

Laatst zag ik zowaar voor het eerst een teek. Bij Jipje, tussen zijn ogen. Ik kriebelde hem zachtjes op zijn kop en voelde plots een pukkeltje, een gezwelletje. Ik krabde en keek en keek nog eens goed en zag daar een bolletje met hele kleine wriemelende pootjes. Ieuw!
Het goede nieuws was dat ik wel eindelijk voor het eerst de tekentang uit de verpakking kon halen. Ik moest met een speciaal voorwerpje de haartjes opzij duwen en het tangetje op de teek zetten. Ik heb nog een tijdje verdwaasd met de teek in het tangetje rondgelopen onderwijl ‘uh uh uhmme’ prevelend waarop ik het mormel uiteindelijk verdronken heb met stromend water uit de kraan in de gootsteen.

Wat betreft de mieren; iedere zomer verkeren we met dit volk in staat van oorlog. Twee jaar geleden liepen de mieren ergens via een geheime ingang aan de voorkant ons huis binnen. Wel zagen we zagen ze in colonne door de kamer in een keurige bocht richting de keuken lopen alwaar ze bij tegen aanrecht opklommen en bleven hangen bij allerhandige zoetigheid. ‘Bah’, vond ik dat. Maar zij vonden het wel lekker.

Het is natuurlijk niet zo dat ik meteen aan het massamoorden sla.
Ik heb eerst hele vredelievende oplossingen verzonnen en het boek ‘Oma weet raad’ er weer eens bijgehaald:
Ik heb, serieus!, krijtstreepjes getrokken door het hele huis,
Mieren-LOK-doosjes, ja hah, dom he, geplaatst…
Kopergeld gezocht en de stuivers en centen –weliswaar eurostuivers, maar dat zien die mieren toch niet dacht ik– op strategische plekken neergelegd
Ook nog de vloer abnormaal vaak gedweild (voor mijn doen) om geursporen uit te wissen.mieren portret

Maar verdraaid, ze waren me steeds te slim af.

Dus die zomer daarop namen we serieuze maatregelen. We pakten het probleem bij de bron aan en strooiden de giftigste giften in hun holletjes alwaar ze gelegerd waren, rondom ons huis. Hele volksstammen zijn heel effectief afgeslacht. Op een sporadische verdwaalde mier, ze zijn ons huis niet meer binnengedrongen.

En dan hebben we nog de zilvervisjes. Wat een terror-beestjes zijn het. O-ver-al lopen ze, bij voorkeur in badkamer en toilet. Hoewel gemakkelijk dood te knijpen, toch vlug als water. En irritant hoor, ik voel me dan toch altijd een beetje bekeken daar op het toilet. Daar waar ik het liefst even alleen zit, loopt er altijd wel zo’n exemplaartje schijnbaar onschuldig – pompiedompiedom – rond.zilvervisje, moordenaarzilvervisje, moordenaarzilvervisje, moordenaar
Zo’n schepsel kan en mag eenvoudig niet langer blijven leven, er zit dan niks anders op dan deze meteen om te brengen.

Kortom;. ik heb voorlopig geen andere keuze dan te blijven omleggen, koud maken en executeren.

Ik zou het liever niet doen natuurlijk, een beetje begrip voor deze moordenaar dus… Want eerlijk is eerlijk; het – is – wel- killing hoor. Dat wel.

2

De luiaard

‘Mam, weet je’ zei mijn jongste zoon afgelopen week ‘kijk, je hebt een luiaard, een luipaard en een lui paard’.
Dat was een waarheid als een paard zo op de vroege ochtend.

Toen vroeg ik hem wat hij dan was.

‘Oh, ik ben een luiaard’ sprak hij. Jawel, da’s waar. Het is dan wel een van de meest energieke luiaards is die ik ken maar ook hij heeft natuurlijk zo z’n slome momentjes.

luiaard, luipaard, feestje, aartslui

Laat de luiaard is dan ook mijn favoriete lievelingsdier zijn. Na de egel dan. Soo cute!

‘Ik ben ook een luiaard’ zei F-je, die aan handen en voeten onder aan de trap hing.

‘Nou nee, jij bent gewoon een lui paard’ zei Billy.

‘Nietes’ gilde F-je, terwijl ze van de trap sprong om haar broertje op z’n hoofd te timmeren.

Ik meng me bij voorkeur niet in dergelijke discussies en ruzieachtige aangelegenheden dus ging snel naar boven om nog even mijn tanden te poetsen in de hoop dat de ruzie in de tussentijd opgelost zou zijn. En awel, dat bleek zo te zijn. Men had alweer een ander onderwerp bij de kop.

Zoals wanneer-hun-kinderfeestje-nou-eens gehouden mocht worden. Daar spraken mijn luiaardjes onderweg op de fiets over.

Feestje. Van de verjaardag ja.

F-je was in april jarig. Dus het is nog maar een half jaar geleden. Je kunt van me zeggen wat je wilt; maar uitstellen da’s een vaardigheid die ik onder de knie heb. Ja, laat mij maar schuiven.
Het heeft zelfs wel eens een heel jaar geduurd voordat we haar kinderfeestje vierden.

Dat bleek buitengewoon handig, want toen konden we meteen haar volgende verjaardag vieren. Maar goed, daar kun je niet elk jaar mee komen aanzetten.

Wat het precies is weet ik niet maar ik vind kinderfeestjes behoorlijk ingewikkeld. Gewone feestjes niet, die zijn, zoals het woord al zegt; gewoon leuk.
Kinderfeestjes; iets in de combinatie van een datum prikken, de gastenlijst; ‘die mag komen en die niet want ik was ook niet op haar feestje de vorige keer terwijl ze de keer daarvoor wel bij mij was geweest’- en als dat is opgelost, iets leuks bedenken, voor kinderen, wat niet te saai en niet te duur, niet te lastig en niet iets wat de ander al eens heeft gedaan, en wat doe je als het regent. Zoveel dingen om over na te denken.

Een datum prikken is alleen al een probleem. Er is altijd wel wat leukers anders te doen. Natuurlijk heb ik ook wel eens een vrije zaterdag, maar da’s dan ook wel weer belangrijk voor een mens, zo’n vrije zaterdag.

En ideeën… die zijn er wel, maar daar wordt het zo druk van in m’n hoofd, dat er weinig meer uitkomt.

Schrijf het dan even op, zegt man-verstandig in zo’n geval.

Dat doe ik nu dus.
HaHa.

Jaaaa, hij is bedoelt natuurlijk een lijstje.
Maar dat moet je ook kunnen, zo’n lijstje maken. Een lijstje; da’s voor mensen die er het type voor zijn, de echte lijsters.
Ik probeer het wel, heus, maar als ik een lijstje maak, klopt het nooit. Het maken alleen al is een karwei. En daarna krijg ik ‘m nooit goed afgestreept.

lijstje

Maar.. met de pauzes gaat het nog wel goed.

Ik weet dus niet wat het is, maar een kinderfeestje is voor mij zogezegd niet meteen feestje. Vooral vooraf niet. Ik ga veel liever… een boek lezen ofzo… of chocola eten. In m’n eentje.

Natúúúrlijk mensen, ik heb best wel wat over voor mijn luiaardjes, dat wel. Waarlijk wel. Maar… ik weet het niet.

Of eigenlijk…

weet ik het natuurlijk wel:

Het zit in de familie, stelletje aartsluiaards dat we zijn, en het geeft allemaal niet; ik ben gewoon ook een luiaard!

luiaard

0

Vissen met een bakje

In de rubriek ‘Help, mij kind heeft een hobby!’   hebben we het vandaag over dingen die je misschien nog niet wist en handig zijn om te weten, of dingen die je misschien al wel wist maar evengoed handig zijn om te weten in het kader van vissen.

Vissen is een vrij nutteloze hobby, waaraan jongens over het algemeen, om onduidelijke redenen een groot genoegen beleven.
Ik persoonlijk zou niemand iets van deze geneugten willen onthouden en bijkomend voordeel is dat de mannen even onder de pannen zijn. In de buitenlucht nog wel en dat is natuurlijk gezond.
Maar ik heb nog nooit een gevangen visje uit de buurt in mijn pan gehad, want de geschubde vriendjes worden na een uurtje rondjes doelloos zwemmen in de emmer, weer vrijgelaten in het water waarna de visser huiswaarts keert. Vaak stinkend naar vis of slootwater.

Daarbij zijn we meteen bij de nadelen aangekomen, hoewel ik het natuurlijk niet meteen moet overdrijven.
Met mijn speurneus, vond ik Billy laatst wel heel erg naar vis stinken. ‘Manoman, wat stink je naar vis’ riep ik uit, en een kwartier na zijn vertrek ik riep naar vaderdeman, dat ik het nog steeds naar vis vond ruiken.
‘Zeg Tien’, sprak hij meewarig, ‘die jongens vangen echt geen gebakken vis hoor’.
Goed, dat kwam dus ergens anders vandaan. Bij iemand die de vis thuis wel in de friteuse had gegooid.

Voor een beetje begrip ben ik maar eens meegegaan met mijn vissertje, want dat leek hem gezellig. Hoewel ik het behoorlijk griezelig vond, ben ik de beroerdste niet en was aanwezig bij de aanhaking van een wit wurmpje, ´ach, kijk maar even de andere kant uit hoor mam´.

We zaten verder heerlijk in het zonnetje.
vissen, maden, koelkast

Gelukkig Jammer genoeg werd er geen vis gevangen. Billy dacht dat het misschien kwam door mijn geklets. Dat leek me sterk eigenlijk.
Gelukkig voor hem, ging het de volgende keer, toen ik er nét niet bij was, een stuk beter met de vangst.

Hebben we meteen het volgende nadeel bij de kop en staart:
maden, vissen
Het schijnt van buitengewoon groot belang om maden te gebruiken en die, tussen de visbeurten door, in de koelkast te bewaren waar ze een een heerlijk koud en sluimerend bestaan leiden.
Lijden.

De aangeschafte maden – daar betaal je dan ook nog voor – zaten aanvankelijk heel veilig in een flesje, in een zakje, in een ijsbakje dat voorheen gevuld was met overheerlijke Pecan-Caramel-Roomijs, in de koelkast.
Toen ik ze naar de rand tussen het bakje en deksel zag wriemelen, besefte ik dat ze al uit de fles en het zakje ontsnapt waren en reeds aangekomen in het buitenste bakje. Slimme rakkers dat ze daar waren.

Op zich leek me een leven als made al niet bijster opwindend, dus geef ze eens ongelijk om ’s op avontuur te willen, weg uit zo’n besloten omgeving van een ijsbakje   …
Maar… ik vind ze er gewoon niet zo tof uitzien.

ijs, bakje, maden

Ontsteld riep ik uit:

‘Iehh – Waarom?’

‘Lusten de vissen tegenwoordig geen brood meer?’

´Moet dat echt in de koelkast?!’

Dat moest dus, want dan zouden ze langer goed blijven.
Wanneer maden niet in de koelkast zijn, zijn het al snel geen maden meer. En dat is dus niet de bedoeling.
Van vissers.

Want vissers willen vissen met maden. En niet met vliegen. Behalve vliegvissers. Die vissen met vliegen.

‘Kun je ze dan niet beter in de diepvries bewaren?’ vroeg ik behulpzaam. Maar nee, dat zou te koud zijn voor de maatjes van Billy.

En dat begreep ik ergens ook wel, want je kunt niet zomaar alles in de diepvries stoppen, dan kunnen er ook gekke dingen gebeuren.

Wanneer je bijvoorbeeld iets in de vriezer stopt om het sneller te laten afkoelen, dan is de kans groot dat je het vergeet eruit te halen.

Zoals een flesje bier.

Of koolzuurhoudend bronwater, wat ik laatst deed. En er de volgende dag pas aan dacht, vervolgens de deur van de diepvries opentrok en zag dat het plastic flesje wel een hele rare vorm had gekregen.
Snel haalde ik het flesje uit de vriezer en liep ermee naar de bijkeuken. Daar aangekomen wist ik niet wat ik moest doen en legde het in de wasbak. Nog geen 2 seconden later explodeerde het flesje. Brokken ijs vlogen door de bijkeuken.
Ik kwam er nog goed vanaf, maar Billy werd geraakt door een ijsschots. Hij huilde van de schrik en een beetje van de pijn.

Nee, dan kun je beter vissen. Dat is veiliger dan flesjes koolzuurhoudende drank in de diepvries stoppen.

Dat hebben we ervan geleerd.

Een diepvries is voor het bewaren van andere zaken. Bijvoorbeeld voor ijsbakjes, met Pecan-Caramel-Roomijs.

pecan caramel roomijs, vissen, maden, diepvries

0

Het verhaal van het vogeltje dat te ver vloog.

Er zat vanmorgen een vogel op ons dak.

Het was onze vogel.

De vogel was gevlogen. Uit het raam.

Als het niet zulk mooi weer was geweest en het raam niet open had gestaan, was hij vast tegen het raam gevlogen.

Eigenlijk vloog hij normaal nooit meer tegen het raam. Maar het hoeft op zich niets te zeggen over de helderheid van mijn glazen.

Enfin.

We hoorden hem nog fluiten, in de verte.

Dat had het einde kunnen betekenen van onze betrekking met huisgenoot Eddy.

Toen hoorden we het fluitgeluid onverwachts weer dichterbij komen.

Eddy vloog rondjes om het huis en landde tenslotte op het hoogste puntje van het dak.

We riepen, floten, smeekten hem vanaf de grond om bij ons terug te keren.

vogel, eddy, gevlogen,

Eddy floot wat, maar bleef arrogant op het dak zitten.

vogeltje1

Ik rende de trap op naar boven en keek vanuit het dakraam naar hem of haar.

Ik lokte, floot, riep en tuttelde naar hem op m’n allerliefst, maar Eddy keek gewoon de andere kant op.

vogeltje, dak

ik maakte nog maar wat foto’s voor het geval dit de laatste zouden zijn

Na enkele minuten kregen we een helder inzicht:

‘De liefde van het dier gaat door de maag.’ of zoiets.

Dus legden we een heerlijk takje trosgierst op het dakraam.

Eddy vloog van z’n plek.

dak

Hij streek neer op het dakraam en begon onmiddellijk aan een heerlijk ontbijt.

We kantelden het dakraam en Eddy gleed samen met het voedsel weer naar binnen.

Iedereen was blij.

En BaasjeB. nog wel het allermeest.

Einde.

1

Ontslakken

Ik zag laatst een Hele Lange man bij de Lidl. Nu vind ik lange mannen altijd best wel stoer, maar deze was niet zomaar lang, nee echt heel lang. Ik schrok me een hoedje.
Ik kijk bij de Lidl sowieso altijd mijn ogen uit, met ogen op steeltjes zeg maar. En dat was ook wel nodig want even later zag ik een nog langere man. Dat verwacht je dan toch niet, bij de Little.
Het viel me er verder op dat er veel buitenlanders waren. Het hoeft niet, maar het kán iets met elkaar te maken hebben.
Of het ligt aan de klimaatverandering.

Mensen worden namelijk steeds langer. Dat is een feit. Ik hoef alleen maar in mijn eigen omgeving te kijken om dat bevestigd te zien. Mijn kinderen worden bijvoorbeeld ook steeds maar langer. Een paar jaar geleden was hun lengte beduidend korter. Nu is mijn oudste me al ruim voorbij in lengte. Ik houd m´n hart vast, dat groeit maar door.

En vervelend vinden ze het ook al niet. Ze willen niets liever. We meten ons suf met dat stel:

meten, ogen, lang,

het ziet er serieus uit en dat is het ook

Die buitenlanders bij de Lidl; Ik snap al trouwens best. Het voelt toch een beetje als thuis, om in het buitenland boodschappen te doen bij de Lidl. Dat doen wij ook. In het buitenland lekker naar de Lidl met al die bekende producten en Nederlanders om ons heen, geeft dan toch een thuisgevoel. Zoiets groeit op een bepaald moment hè.

Wat me tijdens de vakantie opviel, was niet alleen dat de mensen steeds langer worden, ook de slakken. Het was weliswaar niet in Nederland, want geheel volgens ons traditionele voornemen om een jaar in Nederland op vakantie te gaan, belandden we dit keer in Duitsland en Oostenrijk.
En in Oostenrijk zijn de slakken dus al zo lang:

naaktslak, lang, eten

Ik vind slakken echt heel eng. Vooral de naakte. Daarom.  En lange slakken zijn dubbel zo eng.
En die lange Albino-naaktslak vind ik wel het toppunt.
Het was dus erg dapper van mij om mijn hand er naast te leggen.

Toch verontrustend dat de slakken nu al zo lang zijn in Oostenrijk. Ik vraag me af hoe lang het gaat duren voor we deze joekels in Nederland tegenkomen. En waar stopt het? En wanneer?
Ik las namelijk dat de slakken met de huidige weersomstandigheden veel langer worden. Nu kreeg ik al de indruk dat er tegenwoordig meer slakken zijn dan ooit, maar dat ze ook nog langer worden, betekent derhalve meer slak in ons leven. Allemaal buitenlanders…
Of het ligt aan de klimaatverandering.

Ik zal het probleem uiteindelijk gewoon onder ogen -op steeltjes- moeten zien.
Het is eten of gegeten worden.

Welbeschouwd  is er eigenlijk maar een klein probleem, met een grootse oplossing: We hebben we een supermarkt in onze achtertuin.
En ik vond de oplossing:


Een recept voor het klaarmaken van naaktslakken

Dit recept is voor een overheerlijke soep.

40 verse zwarte naaktslakken, het liefst uit eigen tuin (met kop)

2 eetlepels olijfolie

3 ui, 1 knoflook, 1 laurierblad

3 winterwortelen

2 vleesbouillonblokjes

1 flesje oud bruin bier.

Wrijf de pan in met de knoflook. Fruit de in ringen gesneden ui in de olijfolie. Was de verse, nog levende slakken onder koud water goed af en snij ze in dobbelsteentjes van ± 1,5 cm. Voeg de slakken bij de uien, even aanbakken en vervolgens 0,75 l water toevoegen. Smoor uien en slakken op een laag vuurtje in ca. 15 minuten samen met de bouillonblokjes, het laurierblad, de in stukjes gesneden wortel en naar smaak lettervermicelli of snelkookrijst. Voeg daarna nog 1 liter water en het flesje oud bruin toe (en eventueel zout en peper). Eén minuut laten doorkoken. Serveren met versgehakte peterselie.

naaktslak, ogen, lang, recept

Eet slakelijk!

0

Het nieuws en vieze praatjes

Er is weer nationaal goed nieuws:

Het is weliswaar nieuws van afgelopen zaterdag, maar dit zou je niet willen missen:

De Huismus is weer het meest gezien bij de nationale tuinvogelteldag. Net als vorig jaar. Jawel.

nieuws, vogel, tellen
Laat ik het nou weer net gemist hebben zaterdag. Elk jaar weer hetzelfde liedje.
Op zich wil ik best meedoen aan zo’n dag. Het lijkt me zelfs alleraardigst, vogels tellen in mijn tuin.
Daarbij de wetenschap dat heel Nederland op die dag hetzelfde doet, nationaal verbonden door eensgezind vogels te tellen.
Dit soort vredige activiteiten kunnen we wel gebruiken met de oprukkende terreur in Europa.
Ik ben geen Charlie. ‘Je suis… vogelteller’.

Om heel eerlijk te zijn, denk ik niet dat mijn telling het verschil zou hebben gemaakt bij de uitslag. Ik heb een sterk vermoeden dat ook bij mij de huismus het meest gezien zou zijn in de tuin.

Ik had natuurlijk ook samen met mijn vogelminnende flierefluiters kunnen turen en spieden in onze eigen achtertuin. Mijn huisgenoten hebben er stellig een beter oog voor dan ik. Wellicht had een minderheidsgroepering dan wat meer stemmen gekregen. Maar we zullen het niet weten want we hebben het niet gedaan.

vogels, overzicht, mussen, telling

In huis heb ik trouwens wel geteld.
Welgeteld… maar één soort.

Steeds dezelfde vogel. Een vogel in of uit de kooi.

Over kooi gesproken; ik heb me daar toch wel een mieters kooitje op de kop getikt.
Terwijl ik me had kunnen ontspannen met de vrije vogels in de natuur, ben ik dus druk bezig geweest met het kooien van ons gevleugelde vriendje.
Welbeschouwd horen vogels vrij rond te vliegen natuurlijk. Maar voor zo’n schijtlijster als wij hier hebben is het niet raadzaam, wil ik het nog een klein beetje proper houden.

Willy heeft tot nu toe niet het zindelijkheidstalent laten zien, die wijlen Kareltje – hij ruste in vrede in de achtertuin – ons toonde.
Wanneer zijn BaasB hem ’s morgens boven de toiletpot liet hangen en het commando riep: ‘alle bommen los!’ liet Kareltje zijn ochtendkakje keurig in de pot vallen.
Dat was eigenlijk ook haast te mooi om waar te zijn en helaas is hij van ons heengegaan.

Nu hebben we Willy. Willy in de kooi.
Ik heb een prachtige koperen vintage kooi op den kop getikt waar je U tegen moet zeggen, zo oud.
Het staat hem super, de kooi. Bij Willy. Heel decoratief. En hij kan er heerlijk in schijten.

kooi, koper, vogel, luier

Als je zo met poep bezig bent zoals wij nu, dagelijks vogelpoepjes wegpoetsend en onderwijl piekerend over het een oplossing, kom je toch achter opzienbarende ontdekkingen. We deden gisteren een ontdekking die ik niet graag had willen missen…

Er blijken namelijk luiers… voor vogels te bestaan.

Echt.

Flightsuits.
Maak me gek, flightsuitsss!
En mocht ik nog even bang zijn dat de flightsuit niet om het fragiele vogelbipsje van onze vogel zou passen; geen nood! Ze zijn er in de maten Petite, X-small tot Mammoth en Colossal. Hoe leuk is dat! 15 verschillende maten!
En als klap op de vuurpijl; dat is niet alleen dat ze in een ‘fireworks-print’ verkrijgbaar zijn, maar het mooiste is nog dat er wegwerp flightliners verkrijgbaar zijn, welke in het poep-opvang gedeelte geplaatst kunnen worden zodat we het pakje minder vaak hoeven te wassen. Echt, blijer kun je me niet krijgen!

luier, vogel, flight, tuigje

BaasB vraagt het nu voor zijn verjaardag.
Als dat geen liefde is. Een luier voor je vogel op je eigen verjaardag vragen.

Dan kan ons Willy vrijelijk rondflitsen en fladderen zonder dat wij bang hoeven zijn voor rondvliegende uitwerpselen.
Bleek tijdens het luieronderzoek bovendien, dat er ook speciale lijnen voor de flightsuit te verkrijgen zijn, zodat hij voortaan ook een soort van vrij kan rondvliegen in de tuin.
Ik zeg: Op die verlanglijst ermee!

vlieglijn, papegaai, luier

Dat zal de dag zijn dat ik nationaal vogels ga tellen in de tuin. Dan weet ik alvast dat ik er in ieder geval 1 zal tellen. Leuk voor de variatie op de doorgaans zo saaie lijst met mussen, koolmezen en merels.

Dan zal helemaal onderaan de lijst staan: 1 Senegalpapegaai.
Die heb ik dan geteld.
nieuws, papegaai

Houd het nieuws goed in de gaten.