0

Wat zeg je?

Ik heb een Oost-Indisch verleden.
Dat zou je niet zeggen als je me ziet.

voc
En dat is nu ook wel voorbij hoor.

Ik ben namelijk een beetje doof. En nu echt.

Altijd gevaarlijk, als je roept dat je nooit ziek bent. Vroeg of laat krijgt een of ander virus je toch weer te pakken. En zo kwam bij mij een virus aanwaaien die mijn keel deed opzetten zodat ik vreselijke keelpijn kreeg en ik een dag niet kon praten.
Het was heel rustig die dag.
Gelukkig was de keelpijn na die dag verdwenen. Helaas steeg de zwelling een stukje op naar mijn oor. En een dicht oor is super lastig.

Vage mededelingen en haastige gesprekjes bleek ik plotseling niet meer te kunnen opvangen. De t.v. stond gisteren aan en ik verstond er niks van, besefte ik een tijd later pas.
Na 20 minuten vroeg ik aan Man-met-de-afstandsbediening of ie wat harder kon, want ik verstond er niks van. Verstoord keek hij mij aan.
Speciaal voor mij had hij op deze zender geduwd (omdat ik geen voetbal en actiefilm bliefde te zien) bleek ik dus al 20 min voor niks te hebben gekeken naar iets wat ik wilde volgen maar niet kon horen, en hij ook, naar iets wat hij niet wilde zien en wel moest horen.
‘Sorry,’ piepte ik ‘maar ik ben een beetje doof’.
‘Ja, Oost-Indisch zeker.’
Alsof ik voor mijn plezier koloniale trucjes zat uit te halen. Als ik dan ’s een beetje ziek ben, wel een beetje respect graag…

oostindisch

Eerder die avond, tijdens het eten, ving ik ook al iets niet goed op. Over het eten. Dat het lekker was ofzo. Maar dat moest ik wel zeker weten natuurlijk.
‘Huh, wat zei je?’ vroeg ik toen.
‘Dat dit hele lekkere snert is 10’ zei man.
‘Ze wou het gewoon nog ’s horen’ verdacht oudste dochter me.
‘Nou nee, mijn oor zit dicht, ik ben een beetje doof’, mompelde ik’.
‘Jaja Oost-Indisch zeker.’

Dat is wel verdrietig, om niet geloofd te worden. Om nu steeds beschuldigd te worden van Oost-Indische doofheid.
Vaak klopt het, maar nu ik op dit moment even echt slechthorend ben, voelt het zo oneerlijk.

Er zijn nu eenmaal dingen die ik graag wil horen.
Er zijn trouwens ook dingen die ik niet wil horen.
Ik bleek namelijk al misofonie te hebben, en kan ik sommige dingen heel moeilijk wegfilteren, zoals eetgeluiden, maar dit terzijde, zie: klik

Maar soms lukt dat filteren me best wel weer redelijk.
Zoals toen Billyboy me weer eens belaagde met zijn kletspraatjes, die overigens vaak heel gezellig zijn.
Goeie grappen en leuke verhalen, daar leg ik mijn werk en leesvertier graag voor aan de kant.

Maar als het gaat over computerspelletjes ,< gaap gaap>, You tube filmpjes die worden naverteld <zucht, haak af> en spannende voetbaltactieken <knikkebol- knikkebol> dan denk ik dat meestal wel op te kunnen vangen en combineren met goed getimede ’ja’s’  en ‘hm hm’s’ onder het lezen van een krant of boek.

Dat lukt helaas niet altijd even overtuigend.

‘He, luister je wel?’ vroeg hij af en toe waarschuwend.
‘Jajajaja, hm zeker’

Dus toen ik ondertussen een paar bladzijden verder was, wat overigens wel veel minder snel leest omdat ik steeds even uit m’n verhaal was om op gepaste momenten overtuigend gespeeld een verbaasde of instemmende blik te werpen, hoorde ik opeens een ander geluid vlak naast me.
Geluid als van pieptonen door het induwen van de toetsen van de telefoon.
Ik keek op en zag dat ik het goed had gehoord. Meneer zat zuchtend op de stoel en toetste overtuigende een reeks cijfers in.

‘Wie ga jij dan bellen?’ Vroeg ik verbaasd.
‘Hé? Oh…’
Had ik iets gemist? ‘Hé, wie bel je nou?’
‘Nou’, piep piep piep, ‘Ik bel even die man van Beter Horen’.

….

En dat… werkte heel goed toen.doof1

Maar misschien mag hij ‘m nu wel echt bellen.

oostindisch2

Advertenties
0

Hartverwarmend

rozen

 

 

 

Ik heb er vanaf vorig jaar alweer een jaar op gewacht maar nu is het eindelijk zover:
De dag die warmte brengt in deze koude wintermaanden, de 14e  februari, de dag van de liefde,  de dag waarop geliefden of stille aanbidders elkaar verrassen met een presentje, leukigheidje, liefdesbetuiging, je kunt het zo gek niet bedenken.
Ik kan echt heel veel bedenken.
Al meer dan 22 jaar hou ik hartstochtelijk veel van mijn eigenste man. En hij van mij. Alleen… is het niet af te lezen aan de verrassingen op Valentijnsdag. Traditiegetrouw doet hij op de 14e februari nadrukkelijk niet aan Valentijnsdag.
‘Ik hou elke dag van jou, dat commerciële gedoe erachter heb ik niet nodig’, zegt hij dan lief. ‘Bovendien is het voor je geheime liefde’ vindt hij en dat ben ik immers al jaren niet meer.

Mijn dochters hebben er geen boodschap aan, ‘wat een onzin’ en vooral ‘wat zielig voor mama’, hoor ik ze hardop denken. ‘Hij is niet echt romantisch mam, houdt hij wel echt van je’, vraagt oudste.
‘Nou, ja, hij houdt elke dag van me’ verklaar ik, ‘maar Valentijnsdag is commercieel, daar doet ie niet aan.’
’Krijg je niet eens een bosje bloemen dan?’
‘Jawel, maar juist op een andere dag’ zucht ik.

Ik ben wel super benieuwd wanneer dat is. Waarschijnlijk weer op mijn trouwdag.

Overigens moet ik heel eerlijk zeggen dat ik dit jaar zelf ook weer weinig moeite heb gedaan om de commercie te steunen.
Aaach, misschien koop ik vandaag nog wel een leuk bosje bloemen. Of een reep chocola, die we dan samen opeten. Altijd goed, hmm, heerlijk.lief

 

Mijn dochters maken er meer werk van, dat moet gezegd. Jongste dochter zat vanmorgen al met haar cadeautje in de folie klaar, om haar geliefde een prachtig presentje op school te kunnen overhandigen. Gisteren heeft ze al feestelijk geshopt, een fotolijstje waar nog een foto in moest en wat lekkers. We zijn er hier eigenlijk allemaal druk mee geweest, met het hele proces van haar cadeau.

En oudste heeft voor haar liefste een hele impulsieve aankoop gedaan waar ze al snel daarna spijt van had. Weer heel passend dus. Dat wordt ook een leuk verrassing.

Mijn jongens lijken te aarden naar hun vader, ik heb ze niet over geheime geliefden gehoord, laat staan cadeautjes.
Ze zullen de sneeuw niet laten smelten door hun warmbloedige liefdesacties.

Integendeel, in de zomer zal er hier nog sneeuw liggen.
Jongste zoon wil de sneeuw namelijk tot diep in de zomer vasthouden en bewaren.
Daarom ligt er nu een sneeuwbal in de diepvries. Het lijkt hem grandioos om in de zomer nog een sneeuwbal te kunnen gooien.
Het bleef nog even de vraag wie de gelukkige ontvanger zou worden. Gelukkig heeft hij de knoop niet lang daarna snel doorgehakt.
Toen oudste dochter mijmerde over de zomer, een nieuwe bikini en zonnen in de achtertuin, deelde hij heel warm mee: ‘Ik zal dan de sneeuwbal op jouw buik gooien!’
We verwachten uiteraard een buitengewoon blijde en gloeiende warme reactie.

winter_handschoenen_hart-2

8

Glazenkast

hoedje

Mijn zoon wil een glazen kast. Of een glazenkast.
Dat maakt op zich niet uit. Zolang zijn hoedje van papier er maar in kan. Dat zou zo mooi passen. Dan klopt het liedje namelijk ook weer. Je weet wel.

Ik kan eigenlijk wel een aparte rubriek beginnen over oprispende hobby’s van mijn jongste.
De hobby van deze week is: 1 2 3 4: Hoedjes van papier. En vervolgens een bootje van papier.

Mooi dat daar op school aandacht voor is. Vroeger hield het vouwen na groep 2 wel op. Vouwde je je voordien een slag in de rondte met al die vouwblaadjes op de kleuterschool, in groep 3 was het blijkbaar opeens niet meer belangrijk.
Ik ben blij dat origami onderwijs tegenwoordig ook nog aandacht krijgt in groep 6.
Wat zeg ik, zelfs op het voortgezet onderwijs is het weer belangrijk.
Toen F-je zich vorige week aan het oriënteren was op haar vervolgschool na groep 8, mocht ze bij een proefles op een school in de buurt zo veel mogelijk vliegtuigjes vouwen. Het idee erachter werd me niet helemaal duidelijk. Iets technisch, of met samenwerken of handvaardigs, zoiets. Vervolgens mocht ze naar een Engelse les.
Het was haar daarna meteen duidelijk waar ze volgend jaar naar school wil.
Niet naar deze school dus… ‘Mam, ik geloof dat deze school niet zo bij me past.’

Maar allez, een hoedje is voor mijn zoon toch een mooi begin. ‘Ik heb eindelijk eens geleerd hoe ik een hoedje moet vouwen,’ roept Billy enthousiast vouwend. En flop, vouw vouw vouw-  ‘Dan maak ik er zo een bootje van!’|
Hoppa, het volgende papier wordt uit de printer getrokken.
‘Kijk, ik zal het nog ’s doen’ zegt hij geduldig.
Vouw vouw vouw…
‘Wil je een hoedje mam?’
‘Ja hoor’ zeg ik enthousiast.
Flapperdeflap – daar overhandigt hij mij al het hoedje. En ik zet ‘m op.
‘Hij is wel iets te klein.’ Peinzend kijkt hij me aan. ‘Tja… eigenlijk moet ie groter.’
‘Móet ik ‘m ophouden?’
‘Dat mag je zelf weten’
‘Dan zet ik ‘m af’
‘Goed hoor. Dan maak ik er een bootje van.’hoedje-bootje

En zo is geen papier meer veilig, heel klein maar ook groot, kranten, folders, snoeppapiertjes. Het zijn de hoedjes van papier, wat de klok slaat hier.  En daarna bootjes van papier. Want van hoedjes kun je dus bootjes maken. Dat is de grap.

Opeens hoor ik zijn adem stokken en zie hem naar de muur staren, waar een grote gebiedskaart hangt van 2 x A 0 papierformaat, en zegt dromerig: ‘Oh, hier kan ik een Heel Groot hoedje van vouwen.’
‘Uhmme, je kunt ook overdrijven schat’ roep ik.

Terwijl we de volgende ochtend de tas inpakken  voor een nieuwe dag origamiplezier op school, vraag ik me af wat ik met al die hoedjes / bootjes in de keuken moet.
‘Ohh, Ho… Ja… die neem ik wel mee naar school. Die ga ik verloten.’ Roept onze vouwkunstenaar, terwijl hij de bootjes bij elkaar grist.

Ik vraag voorzichtig of er wat vraag naar is, naar die hoedjes/bootjes. Hij is overtuigd van wel. ‘Vooral deze kleine gekleurde, die vinden ze wel speciaal.’
‘Ah ja, tuurlijk.’

Dat verloten, is trouwens zijn tweede leuke hobby deze week. Hij verloot namelijk ook graag. Met getallen onder de 20. Misschien heeft hij dat ook op school geleerd.

Zo kan hij het broodje ei waar hij geen zin had, maar Fje wel, mooi verloten. Aan haar dus.
Dan zucht hij: ‘Ik hoef niet meer’
‘Ik wil ‘m wel!’ roept F-je dan.
‘We gaan loten. Moet je raden. Getal onder de 20’ zegt meneer.

Eindeloos lang duurt het, voor ze het goede cijfer onder de 20 heeft geraden. Maarrr, dan is ie wel voor haar!
Zo blijven we lekker bezig.

Dat brengt me plots op een idee. Voor een beetje meer feedback op deze blog, want het blijft vaak wel wat rustig bij de reacties hieronder. En ik heb fantastische prijzen te verloten! Werkelijk waar.

Wat gaan we doen:
Ik heb een Getal in mijn hoofd.
Jullie Moeten Raden Welk Getal. (Vul in bij de reactie.)

Voor de mensen met het goede antwoord liggen de prijzen al klaar.
Hele Speciale!

liedje

0

Make my day!

Ik heb de kerstboom buiten de deur gezet. Kerst schijnt al een tijdje voorbij te zijn maar bij mij lopen de feestdagen niet altijd helemaal synchroon met de formeel ingestelde begin en eind data. Ik doe wel mijn best, heus, maar ik vind die twinkelpinkellichtjes in januari ook nog reuze-gezellig. En het kerststalletje gemaakt van Cederhout van de Libanon, opgesteld op de plankjes van onze houten zelf getimmerde boom, mocht van mij ook best even langer staan, zeker nu we kindje Jezus weer terug hadden gevonden.
De kribbe was een tijd geleden namelijk omgevallen en het kindje bleek verdwenen. Gelukkig vonden we, naast de SD kaart van BaasB ook het kindje Jezus terug in de stofzuigerzak. Dat klinkt wat oneerbiedig maar ik voelde me er wel erg schuldig over.

boom

zie de kerststal-opstelling achter Jip

 

Maar tegen mijn plots inkomende veranderdrang kan een boom weinig beginnen, zelfs de onze niet, dus de boom versierd met gezellige lichtjes, moest wijken. Dat was vorige week. Gelukkig nog net op tijd voor het nationale pindakaas-dag was.
Ik had er nog nooit eerder van gehoord maar blijkbaar was er nog een dag vrij om iets nationaals te vieren.

Als er iets te vieren valt, zijn wij de beroerdste niet. En zo kwam het, dat we op dinsdagochtend onze messen staken in de xxl-formaat pindakaaspot. Super gezond en mieters lekker. Het ruikt natuurlijk wel een beetje, die pindakaas, maar dat vindt niemand erg.
Nou ja, behalve F-je, die het liefst al haar boterhammen met Nutella besmeert: ‘Bah wat Stinkt het hier! Doe dat weg! Wie laat die pot open staan! Bram, doe het deksel op de pot!’
‘Doe het zelf’ zei B. daarop.
En vervolgens was er weer ruzie.
Zelfs zo’n pindakaasdag kan niet rustig en vredig beginnen blijkbaar. De tijd van vrede op aarde, als die er bij ons al heerste, was met de boom definitief uit het huis verdwenen.

Gelukkig voor BaasB, was hij afgelopen vrijdag (net op de dag van de alimentatie) vrij. De rest niet. Dat was lekker rustig voor hem.

Dus toen Firma vaag&wazig rond een uur of half 11 beneden kwam, dacht hij: ‘waar is iedereen?’ En appte: ‘Waar is iedereen?’

vrijdag

Ik heb het eerlijk gezegd ook wel eens, dat ik denk dat het weekend is. En dat de werkweek dan net begint. Altijd verwarrend zoiets. Maar zoals gezegd, de feesten lopen niet altijd helemaal synchroon met mijn gevoelstijd. Ik vermoed overigens dat wel meer mensen daar last van hebben.

Gelukkig valt er heel wat te vieren en te herdenken dit jaar. Want ik heb even een kijkje genomen op de fijnedag.nl, waarop allerlei feest en herdenk-dagen staan waar ik geen idee van had. Daar heb je ze voor het uitkiezen. Die Lepradag van vandaag bijvoorbeeld, daar kan ik dan niet zoveel mee. Maar volgende week zondag zal het wel weer raak zijn. Naar verwachting is in ieder geval 1 persoon hier blij.
Want dan is het Nutella-dag.

nutella

0

Piemelfruit

mandarijn

Mijn zoons zijn erg bezig met vitamines en fruit tegenwoordig. In het bijzonder met mandarijnen. Ik koop kisten vol, die ook buitengewoon snel weer leeglopen.

Terwijl het gekuch en gesnotter hand over hand toenam in mijn omgeving heb ik geprobeerd potentiële verkoudheid af te weren door preventief vitamines te nemen, voldoende buitenlucht opsnuiven, mijn gezicht af te wenden in de nabijheid van snotteraars.
En chocolade fruit eten natuurlijk. Want dat is heel gezond.

Het gaat m’n jongens niet om de vitamines vermoed ik.
Maar om de pel.
Het is allerfijnst als je ze hun jasje kunt uittrekken in 1 lange pel. Dat krijg ik dan daarna dan onmiddellijk te horen.
‘Mooi Man, Gefeliciteerd, Echt Superknap’ zucht ik, als er weer zo’n oranje pel voor mijn neus bungelt.

‘Zeg, hoeveel mandarijnen had je daar eigenlijk voor nodig?!’, roep ik even later, als ik in de bijkeuken kom, waar ik de echo al terug hoor kaatsen uit het bijna lege kistje.
Maar daar krijg ik merkwaardig genoeg geen duidelijk antwoord op.

‘Hihihi’ hoor ik jongste even later wel giechelen.
Jawel, het geeft een hoop plezier, dat fruit.
Hij heeft nu een hele leuke schil, zegt hij en wij mogen het zien.

‘Ha, heel bijzonder. Enne, wat zie je erin?’ vraag ik.
‘Hihi…’
Man ziet het vanzelfsprekend meteen; ‘Ja, mooie piemel, ziet er goed uit jongen’.
‘Hihi…’
‘Zal ik maar een foto maken?’ vraag ik. Welja, die past er nog wel bij in de reeks met hetzelfde onderwerp, van fruit, frikandel met 2 bitterballen, sculpturen van pannenkoekbeslag en composities met andere levensmiddelen.

Graag natuurlijk:

pel

Naast het feit dat je aan deze foto kunt zien dat de camera van mijn toestel niet meer topkwaliteit levert, zie je toch een heel mooie oranje schil. Hier nog iets te hoog vastgehouden door een jongetje in batman-onesie.
En heel spannend detail; op de achtergrond zie je oudste zoon aanlopen. Met enge oplichtende ogen. – voel die dreiging –
Met een plotselinge armbeweging grist hij de schil uit de handen van kleine broer, waarbij hij roept:  ‘Hé, die was van mij!’

En toen…

Werden we uiteindelijk toch een beetje verkouden,
ging het leven gewoon door,
lag de oranje piemel op het aanrecht,
dagenlang,
waar hij geleidelijk kleiner en bruiner werd
en verschrompelde,
zoals dat gaat…
met mandarijnenschillen.

1

Spanning met de buurtapp

Dacht ik voorheen te wonen in een redelijk suffe buurt in een aardige nieuwbouwwijk, nextdorosinds we lid zijn van de buurtapp heeft het mijn kijk op de buurt volkomen veranderd.

Een buurtapp, nextdoor genaamd, heeft leden uit de hele wijde
buurt, waarin mensen zorgen en problemen kunnen delen. Een modern soort noaberschap in de stad dus.

De buurt blijkt onverwacht een spannende aso-omgeving te zijn waarin razend gevaarlijke en dubieuze zaken passeren. En laat ik daar nu net dol op zijn.

Sinds kort lees ik dagelijks over verdachte zaken. Over Jehova’s getuigen die de ronde doen, of over donkere louche buitenlands sprekende mannen met capuchons op, die al dan niet dure auto’s inspecteren of andere duistere zaken uitbroeden. En over auto’s die langzaam rijden en verdachte Mercedessen. Ik zag ze vroeger nooit, wist ik veel. Naïef als ik was, dacht ik altijd dat wanneer een auto langzaam door de straat reed, er iemand in zat die het goede huisnummer zocht of iemand die z’n ruit ook niet goed had schoongekrabd en daarom voorzichtig moest wegrijden.

jehovas

En was me vroeger nooit opgevallen dat containers voor ons huis bleven staan, hooguit zette ik ze schouderophalend weer aan de overkant van de weg neer of bij een buurtbewoner van wie ik dacht dat ie was, sinds de buurtapp, weet ik dat het nogal aanstootgevend is; containers die nog een paar dagen voor ons huis blijven staan en soms zelfs worden omgegooid.
Sindsdien zit ik me ook de hele tijd af te vragen welke aso ‘m nog niet heeft opgehaald. En hoewel ik de meeste mensen uit de wijde buurt niet eens ken, zorgt dat op de een of andere manier toch voor een aangename verbroedering, kun je je voorstellen. Samen ergert het lekkerder dan alleen, zoiets.

En zo wordt ik echt hoe langer hoe wijzer.

Nu hoef ik niet langer in mijn spannende thrillers te lezen maar moet eens vaker uit het raam kijken, speurend naar onbetrouwbare mensen. Eigenlijk zou ik regelmatig de straat op moeten om een rondje door de buurt te lopen, misschien zal ik dan getuige zijn van hele opwindende en bloedstollende zaken.
Alleen… ik zie zoiets dus nooit. Waarom gebeurt er nooit iets spannends als ik naar buiten kijk?!
Ik wil ook op de buurtapp!
Ik wil ook iets melden!

Gelukkig heb ik al iets bedacht  wat mijn bijdrage zou kunnen zijn. Iets wat voor extra spanning en sensatie zorgt op de buurtapp. Ik zal een klein tipje van de sluier lichten;

Het idee is dat wij onszelf binnenkort zwart schminken, een pruik met zwarte krulletjes opdoen, een olijk pak aantrekken en een maffe baret met veer op ons hoofd en oorringen in. Zodat het meteen duidelijk is dat we van Afrikaanse afkomst zijn of minstens voorouders hebben met een slavernijverleden. Misschien dat een van ons bijvoorbeeld alleen een rode mantel omslaat en een rode hoge muts met een kruis erop ofzo en een witte baard… ik bedenk maar wat hoor.
En dan …
Lopen we rond de huizen, of op de daken, nog gekker. En bonken op ramen of roepen door de schoorsteen en gooien spulletjes naar beneden. Super-verdacht natuurlijk…
pietsint
Zoiets. Misschien gaat het anders hoor, en ik verklap ook niet alles, anders weten jullie meteen dat ik het ben.

En daarna ga ik snel naar huis en wacht ik tot ik een melding krijg van de buurtapp.
Kijken hoe lang het duurt voor ik erop kom.emo

0

Passerpassie

De passie vliegt hier in rondjes door het huis.
Dat komt door jongste zoon. Hij heeft namelijk een nieuwe fascinatie. Hij bleek een passie te hebben voor iets wat hij nog niet had.
Hij vroeg er al een tijdje om.

Gek genoeg nam ik het eerst niet serieus.
Ik bedoel: een pásser…

Toen wilde hij er maar een kopen van zijn eigen geld. Wat hij niet meer had. En dat vond ik zielig. Want mán, het idee dat je een passer wilt kopen en je er geen geld voor hebt. Dat is treurig.

passer1

En toen schoot me opeens te binnen dat ik nog wel wat passers had liggen. Tijdens de laatste dagen van de V&D had ik voor een prikkie talloze kantoorartikelen aangeschaft voor je – weet-maar -nooit.

En een van die je-weet-maar-nooit-momenten was nu aangebroken! Dat soort momenten doet zich minder vaak voor dan je zou willen, dus het is best fijn dat het zo af en toe eens voorkomt.

Mijn zoon was blij als een kind, uiteraard. En toen kon het grote passeravontuur beginnen. Dat bleek nog niet zo eenvoudig. En omdat hij heel vreemd  niet zo’n type is dat zich eerst uitgebreid laat onderwijzen en informeren door deskundigen, maar liever zelf ontdekt, hoorden we een tijd lang gezucht en gekreun.

Zoals het met zijn passies gaat, was hij er ’s avonds nog mee bezig en ’s morgens vroeg vonden we hem al / nog ? aan zijn bureautje. Bij het ontbijt werd de pap koud terwijl hij mislukte rondjes op het papier tekende en de keukentafel vol gaatjes kwam te zitten.

passer.jpg

‘Toch raar dat je dat nog niet kan’ riep man, ‘dat leerde ik al op de kleuterschool’.
‘Ja’ riep ik, ‘knippen, plakken en met de passer werken, dat doen ze altijd bij de kleuters’, waarop zoon zich nog meer vastbeet in de productie van de perfecte cirkels. Was dit, verdraait-nog-an-toe, iets wat kleuters al moesten kunnen?

Ondertussen zag man het al helemaal voor zich; onze zoon zou vast een wiskundige worden, beweerde hij.
Nou moet je weten, dat waar bij andere mensen soms knobbels zitten,  zijn bij ons enkel wat deuken op de wiskunde-plekken zijn te vinden. Helaas bleek ook geen van onze kinderen tot nu toe over enig reken- en wiskundig inzicht te beschikken.
Zou het kunnen betekenen dat we, met deze ontluikende passie voor geometrische vormen, nou ja, met name de cirkel nu, hier met een talentje te maken hebben?

cirkel1

Heel mooi he, dat je zo blij kunt worden van rondjes tekenen. Ik moet trouwens eerlijk bekennen dat ik in mijn vroege jeugd gedurende een korte tijd ook wel een lichte fascinatie voor de passer heb gehad. Het idee dat je met zo’n apparaatje zo’n perfect rondje kan tekenen.
Toch heeft dat bij mij niet echt doorgezet.

In mijn dagelijkse leven blijk ik dit ook zelden tot nooit nodig te hebben. Dat hele wiskunde heb ik tot nu toe trouwens nooit nodig gehad.
De enige periode in het jaar dat de behoefte aan een passer licht opvlamt, is rond Sinterklaas, deze tijd van het jaar dus. Op de een of andere manier is het dan nog wel eens nodig om mooie rondjes te maken voor rare surprises. Maar meestal pak ik dan een glas of een kopje en teken met een potlood een rondje rond de rand van het kopje, op een papier.
Ja, vínd maar zo snel een passer. Als je ‘m nodig hebt is ie altijd kapot/weg/onderweg/ergens/onvindbaar.

Dit jaar zal dát in ieder geval geen probleem zijn…

Nu alleen nog even bedenken waar ik cirkels voor nodig ga hebben.

cirkel